Home > Picanol Group > Basisprincipe van wevenEnglish
Basisprincipe van weven
 

Weven is het maken van textiel uit garen. Het garen waarmee textiel wordt geweven kan van verschillend materiaal zijn, zoals o.a. wol, katoen, zijde of glasvezel. Bij het weven spant men de garens parallel op een weefmachine. Deze opgespannen garens heten kettingdraden of scheringdraden (gewikkeld op de kettingboom). Vervolgens worden andere garens één voor één loodrecht hierop, tussen de schering door, ingelegd. Deze garens heten inslagdraad. Deze garens worden strak tegen elkaar aangedrukt.

 

Door de eeuwen heen is dit basisprincipe nooit veranderd. Een weefsel wordt gevormd door het verweven van kettingdraden met opeenvolgende inslagdraden.

In de weeframen zijn verticale ijzeren staafjes met een oogje geplaatst (hevels). Elke kettingdraad wordt door het oogje van een hevel gestoken. De functie van het weefraam (of kader) is de kettingdraad op en neer te bewegen in de weefmachine. Door een deel van de weeframen hoog en het andere deel laag te brengen ontstaat er een gaap (opening) van kettingdraden waartussen de inslagdraad ingebracht wordt. Door het wisselen van de weeframen wordt de inslagdraad ingebonden. Elke nieuwe inslagdraad wordt door een weefriet tegen het reeds gevormde weefsel geslagen. Het riet is een lang rechthoekig raam, bestaande uit fijne ijzeren strips (lamellen) die de kettingdraden onderling evenwijdig houden.

 

Het inbrengen van de inslagdraden gebeurt bij een klassieke weefmachine met een schietspoel. Bij moderne weefmachines worden de inslagdraden ingebracht via lucht-grijper-, projectiel- of watertechnologie. De soort weefmachine en de gebruikte technologie om de inslagdraden in te weven worden bepaald door het weefsel dat men wil weven. De Picanol Group maakt enkel lucht- en grijperweefmachines.


Lucht- en grijpertechnologie

  • Bij luchtweefmachines wordt de inslagdraad in de gaap voortgestuwd door een (pers)luchtstraal. Een draadafwikkelaar zorgt voor het afleveren van de juiste draadlengte. De OMNIplus SummumOMNIplus 800, OMNIplus 800 TC en OMNIjet zijn luchtweefmachines.
  • Grijperweefmachines hebben aan beide kanten een grijperband die een grijper draagt. De linkergrijper neemt de inslagdraad mee en brengt hem door de gaap tot aan het midden van het weefsel, waar de rechtergrijper zijn taak overneemt. De OptiMax, GT-Max en GTXplus zijn grijperweefmachines.

wettelijke bepalingen